Deelgemeenten Amsterdam en Rotterdam worden in 2014 opgeheven

Een van de punten in het verkiezingsprogramma van Red Amsterdam lijkt nu dan toch uitgevoerd te worden, minister Donner heeft zijn wetsvoorstel opheffen deelgemeenten op de website gepubliceerd.
Binnenkort volgt de discussie in de gemeenteraad over de reactie vanuit Amsterdam. Red Amsterdam steunt natuurlijk de voorstellen uit Den Haag.

Memorie van toelichting

Concept wetsvoorstel

Nieuwsbericht | 23-03-2011

Minister Donner van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wil de deelgemeenten in Amsterdam en Rotterdam in 2014 opheffen. Dit past in de visie van het kabinet om te komen tot een krachtige, kleine en dienstverlenende overheid met minder belastinggeld, minder ambtenaren, minder regels en minder bestuurders. Donner heeft een wetsvoorstel gemaakt dat een einde maakt aan de mogelijkheid voor gemeentebesturen om deelgemeenten in te stellen. Dit wetsvoorstel is nu voor consultatie voorgelegd aan de gemeentebesturen van Amsterdam en Rotterdam en aan de VNG.

Amsterdam heeft zeven deelgemeenten met in totaal 203 deelraadsleden en 29 bestuurders. Rotterdam heeft veertien deelgemeenten met in totaal 272 deelraadsleden en 49 bestuurders. Met het verdwijnen van de deelgemeenten vermindert het aantal politieke ambtsdragers in beide grote steden substantieel. Donner wil dat de opheffing van de deelgemeenten bij de gemeenteraadsverkiezingen op 5 maart 2014 gerealiseerd is.

De deelgemeenten – oorspronkelijk bedoeld als hulpstructuur – zijn in de loop der jaren trekken van een afzonderlijke bestuurslaag gaan vertonen. Minister Donner vindt dit onwenselijk. De bestuurlijke hoofdstructuur bestaat uit het Rijk, de provincies en de gemeenten; in die opvatting is voor deelgemeenten geen plaats. De Gemeentewet blijft ruimte bieden voor andere, lichtere vormen van binnengemeentelijke decentralisatie. Zo kan met bestuurscommissies worden gewerkt of met een model van gedeconcentreerde dienstverlening in de vorm van stadsdelen, zonder politiek bestuur.

Pitt Treumann en Roderic Evans-Knaup nemen het stokje over

Tijdens de raadsvergadering van woensdag 16 maart zijn Pitt Treumann en Roderic Evans-Knaup beëdigd.

Pitt neemt als raadslid de zetel over van Nelly Frijda die vorige maand afscheid nam.

Roderic is vanaf heden duo-raadslid, hij komt in de plaats van Nelleke Verweij die helaas ivm ziekte (voorlopig) geen deel meer kan uitmaken van de fractie. Ook Theo Uittenbogaard heeft afscheid genomen als duo-raadslid.

Meer over de plannen en doelen van vernieuwde fractie binnenkort te lezen in een nieuwsbrief.

 

Roderic ontvangt felicitaties van Theo

BDU = De Brede Doel Uitkering > OV bezuiniging

De Brede Doel Uitkering, we hebben het er in de commissievergadering al uitgebreid over gehad.

Wethouder Wiebes die Stadsregio Portefeulliehouder Wiebes met een boodschap naar Den Haag moet sturen. Alleen blijven wij er moeite mee houden dat op dat boodschappenlijstje al een scala aan mogelijke bezuinigingen opgesomd staat.

We stellen dan ook voor dat in de onderhandelingen met Den Haag het uitgangspunt is en blijft dat deze bezuinigingen van tafel gaan. Amsterdam en het GVB hebben in de afgelopen jaren al forse bezuinigingen geboekt. Deze moeten door de regering erkend worden.

Red Amsterdam hecht eraan, dat het College de Wethouder Verkeer en Vervoer van Amsterdam, in casu de portefeuillehouder Vervoer van de Stadsregio opdraagt zich niet te beperken in zijn onderhandelingsruimte met de rijksoverheid, zoals hij voornemens is zoals blijkt in zijn brief van 1 februari jl.

Daarom een negatief advies aan de Stadsregio Amsterdam uit te brengen inzake alle voorstellen inzake vermindering van het OV-aanbod zoals opgenomen in de brief van de portefeuillehouder Openbaar Vervoer van de Stadsregio Amsterdam aan de gemeente- raad van Amsterdam dd. 1 februari 2011

Het DB van Stadsregio Amsterdam te adviseren nadat vaststaat welk bedrag uiteindelijk wordt bezuinigd op de BDU van de Stadsregio Amsterdam, voorstellen aan de gemeenteraad van Amsterdam te doen inzake effectuering van deze bezuiniging waarbij verschillende alternatieven in kaart worden gebracht en ook herschikking van middelen binnen de BDU wordt overwogen.

Visie op Structuurvisie Amsterdam 2040

“De tijd van de grootschalige projecten is voorbij”, aldus Amsterdams gemeentebestuur in de begroting 2011 inzake het Vereveningsfonds.

Die conclusie volgt op de voorlopige bouwstop vorige zomer.

De hoofdstad kampt met de grootste terugval in de woningbouw sinds veertig jaar. Amsterdam hoopt vooral via het (voorlopig?) afblazen van bouwprojecten het tekort te reduceren met € 900 miljoen.

Breken ooit betere tijden aan? Zelf zegt het gemeentebestuur daarover dat nog niet is te voorzien hoe diep de terugval zal zijn en hoe lang herstel op zich laat wachten. Intussen wordt wel een Structuurvisie uitgebracht vol toekomstplannen tot 2040. Met het verlies van het Vereveningsfonds waarin baten en lasten van het grondbeleid worden verrekend is nog geen rekening gehouden. De rentelasten van onverkocht braakliggend terrein lopen inmiddels verder op met tientallen miljoenen.

Amsterdam denkt 70-duizend nieuwe woningen nodig te hebben tot 2040 en begint alvast met 45 ha (20%) van IJburg II, gereed te maken, terwijl de bouw op IJburg I al stagneert, en vlakbij, het Zeeburgereiland braak ligt. Kennelijk denkt het college en de verantwoordelijke wethouder aan een tijdelijke dip, die te overbruggen is met een lager ontwikkelingstempo maar niet dwingt tot koersverandering. Maar hoe langer de dip duurt, hoe meer die projecten onder invloed komen te staan van de bevolkingskrimp die rond 2040 zijn hoogtepunt nadert. Dat zal tot bijsturing dwingen.

U weet wat bevolkingskrimp is, neem ik aan ? Er wordt minder geboren in Nederland en er gaan meer mensen dood. Grof gezegd.

Vanaf dit jaar gaat de naoorlogse geboortegolf met pensioen, en neemt de invloed van de bevolkingskrimp toe. Straks rond 2030 wordt de geboortegolf van weleer een aanzwellende uitvaartgolf.  Als gevolg daarvan komen veel, en veel attractieve woningen vrij.  In de periferie maar ook in en om Amsterdam. Dientengevolge zal de noodzaak om veel bij te bouwen ook voor de hoofdstad verminderen. De gevolgen van die demografische ontwikkelingen ontbreken geheel in de structuurvisie.

Door uitstel van projecten valt, als het lang genoeg duurt, het tijdstip van de te hervatten bouwopgave samen met omvangrijke woningverlating. In de kantlijn uitgerekend gaat het om zulke forse aantallen lege woningen dat de noodzaak tot veel nieuwbouw verdampt. Zo leveren de Amsterdammers die nu 60+ zijn bij elkaar in het tijdvak vanaf nu tot zeg maar 2040  meer woningen op dan de 70.000 die ooit in aanbouw moeten worden genomen. En daar komen de te verlaten woningen in vergrijsde gebieden als de Gooi- en Vechtstreek, Kennemerland en de voormalige groeikernen nog bij. Veel van deze grotere woningen worden nu nog door 1 persoon bewoond maar zullen als ze vrijkomen door meerpersoons jongere huishoudens worden overgenomen. Daardoor slinkt de noodzaak tot nieuwbouw nog verder. Een groeiende bevolking in zielen kan desalniettemin met minder nieuwe woningen toe.

De verlaten woningen zullen doorgaans ruim en goed zijn. Er zal zich in plaats van een verdunning -minder bewoners in grotere huizen- een indikkingsproces voordoen. Van eenzame weduwen, naar meerpersoonshuishoudingen in eenzelfde woning. Het woonredenment -zoals dat heet- per woning stijgt en het herbergend vermogen van de bestaande woningvoorraad neemt daardoor zonder nieuwbouw toe.

In Amsterdams’ Structuurvisie met een tijdshorizon tot 2040 mag een tekst over deze ontwikkeling achter de cijfers niet ontbreken. Inderdaad lijkt de tijd van de grootschalige projecten voorbij. Gemeenten, dus ook Amsterdam, zullen zich moeten realiseren dat de betere tijden als ze aanbreken heel andere tijden zullen zijn dan waarop ze zich de afgelopen jaren hebben voorbereid.

Er verandert nu al veel dat een snel herstel van de terugval niet aannemelijk maakt. Het leven wordt duurder en onzeker. Leningen worden duurder en moeilijker dan voorheen afgegeven. Inkomenseisen worden opgetrokken. Banken vrezen verzuipende hypotheken en moeten zelf grotere geldbuffers aanhouden (Basel 3) wat uitlenen afremt. Tophypotheken moeten straks versneld tot 100% worden afgelost.

Onzeker is wat de hypotheekrente en woningprijzen zullen doen. Niet alleen in de koopsector is het kommer en kwel. Investeringen van woningcorporaties kelderen volgens koepel AEDES van € 10 miljard naar € 1 miljard per jaar. Langdurig uitstel wegens geldgebrek is onontkoombaar zeker in de huidige woningmarkt.

De oorzaak: er wordt en is steeds minder  ingespeeld op de woonbehoefte, het passende dak boven het hoofd, maar op de woonbegeerte, het bij elkaar wonen van vermogen met behulp van de hypotheekrenteaftrek en stijgende huizenprijzen.

Even calculerend als eerst werd verhuisd door de burger blijft die nu liever zitten. Geen nood want een Hollands huishouden woont in vergelijking met bijvoorbeeld Denen en Duitsers relatief het ruimst. En anders maakt de tijdelijke btw-verlaging naar 6% het zittenblijven, met een dakkapel of serre erbij gebouwd wel aangenamer.

Red Amsterdam vindt dat deze demografische ontwikkelingen, plus de bijbehorende cijfers, met name het effect op het voorgestelde nieuwbouwprogramma, niet in de Structuurvisie mogen ontbreken. En dient daarom eern motie met die strekking in.

Motie Overwegende:

-          dat de gevolgen van het tekort van meer dan € 900 miljoen op het Vereveningsfonds nog niet in de structuurvisie zijn verwerkt

-          dat het college via uitstel van veel projecten dit tekort probeert te verminderen

-          dat dit uitstel de voorgenomen aanvang verschuift naar het moment waarop de effecten van vergrijzing drastisch zullen toenemen, zich manifesterend in bv toenemende woningverlating in en om de stad

-          dat de gevraagde noodzakelijke cbs-cijfers over deze vergrijzingseffecten nog niet bij de besluitvorming over de structuurvisie voor handen zijn

-          dat omvangrijke woningverlating een neerwaartse aanpassing van het nieuwbouwprogramma nodig kan maken om dubbel woningaanbod te vermijden

draagt/vraagt het college op:

zodra de CBS-cijfers over de vergrijzingseffecten tot 2040 wel beschikbaar zijn deze op woningverlating te toetsen en het eventuele  verminderend effect op het voorgestelde nieuwbouwprogramma van 70.000 alsnog in de Structuurvisie te verwerken opdat  woningaanbod gegenereerd uit woningverlating en tegelijkertijd nieuwbouw tezamen op niet meer dan 70.000 woningen uitkomt

deze verwerkte tekst als onderdeel van de structuurvisie op te vatten

VAN HET GREMIUM NAAR DE GERANIUMS

Het fijne van een afscheidsspeech, meneer de Voorzitter, het fijne is, dat niemand geacht wordt me te interruperen. Ik kan gewoon mijn betoog afmaken zonder dat de jongelui van VVD of GroenLinks me van mn apropos kunnen afbrengen met nare opmerkingen. Zoals de vorige keer, toen ik ze notabene bezorgd waarschuwde! voor buikpijn na het kritiekloos opschrokken van zoete koek. En zij míj verweten dat ik de cijfers niet kon ophoesten, die ze niet aan mij, maar aan de wethouder hadden moeten vragen.

Voorzitter, college, collega raadsleden, leden van griffie en andere medewerkers !

Het fijne van een afscheidsspeech is ook dat deze de mogelijkheid biedt om hier vanaf dit spreekgestoelte -’ex cathedra’ zogezegd- te refelecteren op het verleden , tevens het heden wijselijk te beschouwen, en natuurlijk de aanwezigen pauselijk  te vermanen.

En het fijne van een afscheidsspeech is ook dat het een eindpunt markeert.  Het is afgelopen, voorbij. Ik neem afscheid. Voldaan, maar doodmoe. Hard gewerkt, veel geleerd, maar ‘nu even niet’. Het is zoiets als thuiskomen na een wereldreis: een hoop gezien, -veel gemist- maar blij dat ik weer in mn eigen bed mag liggen.

Want het was een vreemde wereld, dames en heren, waar ik een jaar geleden binnenstapte. Een wereld waarin ik pas na enige tijd dwalen een ragfijn web ontwaarde van mores en conventies, procedures en afspraken, coalities en ambities, openbare en geheime agenda’s; kortom, een web waar een gewoon mens al snel verstrikt in raakt.

Na een poosje kwam ik erachter dat het web een naam had: “Politiek”! Daar kom ik zodadelijk op terug.

Want ik wil één ding niet vergeten te memoreren. In de praktijk van alledag ten stadhuize ontdekte ik een mij tot dan toe onbekend fenomeen;….de Griffie! De discrete, geduldige, verstandige ambtelijke ondersteuning voor de Raad. De griffie wees me de weg door de krochten van het Stadhuis en langs de raggen van de gemeentepolitiek. De griffie was de bron van informatie, waar ik me aan kon laven. Met aan het hoofd een lieve schat; de Raadsgriffier Marijke Pe.  Zij en haar staf bleken er niet alleen te zijn voor de gevestigde partijen en de doorgewinterde raadsleden. Ook voor ons. De nieuwkomers. Juíst voor ons. Nooit is Red Amsterdam met dédain afgedaan. Steeds hebben ze ons, de fractie, zonder aanziens des persoons op weg geholpen en voor uitglijers behoed. Zij bleken, en zíjn -net zoals het onvolprezen gilde van portiers ten Stadhuize- de enige oprechte zekerheid, de enige constante factor in de eb en vloed van komende en gaande gemeenteraadsleden en andere politici. Dank daarvoor.

De laatste tijd wordt me steeds gevraagd of ik “blij ben er vanaf te zijn”. Of -nog erger- of ik “teleurgesteld” ben over wat ik heb kunnen doen of wat Red Amsterdam heeft kunnen bereiken.

Zonder diplomatiek te willen zijn is het oprechte antwoord: Ja en Nee.

Nee. Het was -vanaf den beginne- de afspraak dat ik het één jaar zou doen en dan  zou opstappen. Nu na een jaar weet ik, dat een termijn van twéé jaar het minimum is om het vak van gemeenteraadslid te leren.

Ja. Ik ben blij dat ik niet meer zo keihard zal hoeven te werken als in het afgelopen jaar, dat ik die overload aan informatie niet meer hoef te absorberen, en dat ik zelf weer mijn eigen agenda mag beheren.

Nee. Ik zal de bedrijvigheid hier missen. En de mensen. En de ‘éducation permanente’. Het was een voorrecht om bovenop het Amsterdamse nieuws te zitten -wat je anders ‘s avonds in de krant leest-, en het was fascinerend om de achterkant van het weefsel, het ‘petit-point’ van de macht te kunnen observeren.

Nee. Er is, wat mij betreft, dan ook geen sprake van teleurstelling. Ik wist maar al te goed waar ik aan begon en dat een éénpersoonsfractie geen gewicht in de schaal legt.

Natuurlijk hebben wij onze verkiezingsbelofte waargemaakt, geageerd tegen de NoordZuidlijn, en dat zal Red Amsterdam blijven doen. Het is onze ‘raison d’être’ in dit forum.

Red Amsterdam leeft niet in de illusie dat we de NoordZuidlijn tegen zouden kunnen houden, maar wij zijn er om te laten zien dat dit monster aan de fundamenten van onze stad knaagt. De NoordZuidlijn is de onheilspellende metafoor voor iets veel groters.

Materieel gezien staat de NoordZuidlijn symbool voor al die andere megalomane projecten, die de stad op zn palen laat wankelen: de Zuid-as, de Zeesluis, IJburg twee en drie.

Immaterieel is de NoordZuidlijn symbool voor te grote ambities in de politiek, te grote ego’s en te geringe capaciteiten om ze waar te maken. Voor wensdenken, voor de illusie van de maakbaarheid van de samenleving, waar “optimisme als een plicht” gevoeld wordt, zonder rekening te houden met de lengte van de polsstok, de perceptie van anderen en de harde werkelijkheid van de financiële middelen.

Denk aan de ontluisterende bevindingen in de Enquete Limmen, denk aan de computerchaos in de gemeente en de stadsdelen; het ICT-debacle.

Denk aan de onkunde om een straat, een sluis of een brug binnen het budget op te leveren, of een museum binnen de daarvoor geplande tijd. Of een NoordZuidlijn.

Denk aan het het failliet van het Danshuis, het Musiq-gebouw in Oost, de aannemer Midreth, dat je van kilometers ver kon zien aankomen.

Denk aan de persoonlijke ambities die een vruchtbare samenwerking in de weg staan en handenvol geld kost, zoals met AT5 of de Kunstraad.

Denk ook aan de kleinzieligheid van de burenruzies in de stadsdelen, in West, in Oost, waar politiek culmineert in ordinair gekijf van gekwetste ego’s, die zelfs op straat te horen is.Naar mijn gevoel, een intrinsiek gevolg van de illusie dat stadsdelen de democratie zouden dienen, zonder rekening te houden met de menselijke maat en persoonlijke ambities, die daar het meest aan de oppervlakte geraken. Dit alles en allemaal in de superieure wetenschap ten stadhuize dat de macht pro forma gedelegeerd is, en echte politiek niet elders dan hier bedreven wordt.

Nee. Ik had niet de illusie, dat er naar ons geluisterd zou worden of dat Red Amsterdam er iets toe doet.

Hoe verstandig het ook zou zijn een moratorium op de afbouw van de NoordZuidlijn in te stellen, hoe onverstandig het ook is om in deze tijd zo veel geld uit te geven aan de uitbouw van de NoordZuidlijn naar Amstelveen, hoe waarschijnlijk het ook is dat de geologische gesteldheid onder het station Vijzelgracht een onoverkomelijke barrière zal blijken te zijn om de NoordZuidlijn ooit te voltooien, uit prestige-overwegingen en partij-politiek, zullen de alfa-mannetjes persisteren dat het MOET. Koste wat het kost.

Ja. Ik had de hoop dat het ons zou lukken ‘De Opstapper’, het busje voor de binnenstad te redden van de ondergang.Het leek er ook op. Schijnbaar mocht De Opstapper op grote sympathie rekenen binnen de Raad. De PvdA wilde hem behouden. GroenLinks zou onze motie mede ondertekenen. De kleine partijen deden dat ook.En dan merk je, tot je verbazing, dat als het puntje bij het paaltje komt, alle mooie woorden ten spijt, dat om particuliere, of opportunistische, of partijpolitieke redenen de meerderheid tot behoud van De Opstapper plotsklaps is verdampt.

Verbazing: Ja. Teleurstelling: Nee, niet echt. Dat gebeurt nou eenmaal in de politiek.

Verbazing: Ja. Niet dat het gebeurt, maar dat mensen in staat zijn om eerst iets met grote oprechtheid te beweren, en dan met droge ogen iets totaal anders kunnen doen.

En als je je dan afvraagt hóe dat kan dringt zich toch een uiterst banale vergelijking aan me op. Het zal u niet verbazen dat ik als actrice moet denken aan een ordinaire soap. En dat bedoel ik niet badinerend. Politiek voldoet aan de onontkoombare wetten waaraan een soap moet voldoen. Banaal, spannend, gemeen, griezelig dicht de werkelijkheid benaderend, het echte leven.

Want hoe serieus de actores ook zijn, hoe belangrijk hun beslissingen ook voor de burgers, voor de stad en voor het land, wel beschouwd draagt het politieke bedrijf alle kenmerken van Goede Tijden, Slechte Tijden. In Amsterdam getiteld Kleine Kansen, Grote Gevolgen.

Het is een dagelijks terugkerende, fascinerende, hijgerig opgediste serie dramatische gebeurtenissen zonder eind, met ingewikkelde verhaallijnen, die naar behoeven de aandacht trekken of verdwijnen onder het stof van nieuwe conflicten, waarin intriges en overspel, beloften en verraad, boeven en slachtoffers, idealisten en lawaaimakers, alfa-mannetjes en underdogs hun plaats opeisen en ondergaan in de waan van de dag.

Begrijp me goed. Ik bedoel dit niet badinerend.

Het is net zo echt, netzo fascinerend en verslavend als de krant en het Journaal voor nieuwsjunks, zó fascinerend en verslavend zijn de voorthollende gebeurtenissen van de politiek voor snel-schakelende, slimme jongens en ambitieuze meisjes, de politiek.De politiek is een fascinerende, intellectuele uitdaging,  heb ik gezien. Het heeft alleen niets met democratie te maken. Het is gymnastiek voor de geest, schaken op hoog niveau, een competitie van de competenties. Rücksichtslos. Even overweldigend als meeslepend, als in een soap.

Op een dag kan je niet meer zonder. Ben je verslaafd aan het spel, aan het pluche of aan de macht.

Op een dag word je uit het script geschreven.Omdat het de afspraak is. Of een nieuwe coalitie is gesloten. Motie van wantrouwen aan je broek. Van het gremium naar de geraniums.Kan je naar huis, naar je eigen bed.

Vragen van Red Amsterdam over Stedelijk Museum

Schriftelijke vragen van het raadslid Nelly Frijda namens de fractie van Red Amsterdam inzake de berichtgeving in Het Parool over het dreigende faillissement van Midreth, hoofdaannemer voor de renovatie/nieuwbouw van het Stedelijk Museum

Aan het college van burgemeester en wethouders

Gezien de berichtgeving in Het Parool van 28 januari 2011 (11:30u), waarin wordt gerept van het dreigende failllissement van de hoofdaannemer van de renovatie/nieuwbouwwerkzaamheden aan het Stedelijk Museum, en het feit dat alle werknemers van de onderaannemers het werk hebben verlaten en aldus de werkzaamheden aan het Stedelijk Museum geheel zijn komen stil te liggen,

Gezien het feit dat dit de zoveelste tegenvaller is in dit dossier en de zoveelste verkeerde inschatting lijkt van de werkelijke problemen bij Midreth.

Gezien het feit dat wij, de Raad en de leden van de Commissie OZK een en ander uit de krant moeten vernemen.

Gezien het vorenstaande heeft ondergetekende de eer, namens de fractie van  Red Amsterdam, op grond van artikel 45 van het Reglement van orde voor de raad van Amsterdam, de volgende schriftelijke vragen te stellen:

1. Sinds wanneer is de Wethouder op de hoogte van het dreigende faillissement van hoofdaannemer Midreth ?

2. Waarom is de Raad en in het bijzonder de Commissie OZK niet terstond geinformeerd over de meest recente ontwikkelimgen ?

3. Was het -dreigende- faillisement 1) voorzien, en 2) te voorkomen geweest, en 3) had de Gemeente hierbij een leidende, pro-actieve rol kunnen spelen?

Zo nee. Waarom niet ?

Zo ja. Waaruit blijkt dat ?

4. Is de Wethouder met ons van mening, dat opnieuw de financiële monitoring en verslaglegging door de bouwdirectie van het Stedelijk Museum en dienst bouwtoezicht van de Gemeente heeft gefaald ?

Zo nee. Waaruit blijkt dat ?

Zo ja. Is de Wethouder voornemens terstond maatregelen te nemen, het management/directies ter verantwoording te roepen en zonodig te vervangen ?

5. Wat betekent een faillisement van Midreth voor de voortgang der werkzaamheden aan het Stedelijk Museum, voor de vertraging in de oplevering, voor de werknemers van aannemer en onderaannemers, en -meest belangrijk- qua financiële consequenties voor de Gemeente  ?

6. Wat betekent een faillisement van Midreth voor andere opdrachten, projecten en werkzaamheden van Midreth in opdracht van de Gemeente ?

7. Is de Wethouder bereid de Raad, en de Commissie OZK lopende de onderhandelingen tussen de belanghebbenden; de Gemeente, het ambtelijk bouwteam,de Rabobank, Midreth en onderaannemers één-op-één op de hoogte te houden van de ontwikkelingen ?

8. Wat betekent het stopzetten van de bouw aan het Stedelijk Museum voor die lelijke witte uitbouw, die maar blijft lekken en niet past ?

PAROOL: Bouw Stedelijk Museum ligt stil

http://www.parool.nl/parool/nl/4/AMSTERDAM/article/detail/1829084/2011/01/28/Bouw-Stedelijk-Museum-ligt-stil.dhtml
Bouw Stedelijk Museum ligt stil

Het bouwterrein bij het Stedelijk Museum. Foto © Klaas Fopma

28-01-11   11:30 uur

AMSTERDAM – De nieuwbouw van het Stedelijk Museum ligt geheel stil. Hoofdaannemer Midreth staat op het punt van omvallen. Donderdag hebben alle 120 werknemers van de onderaannemers de bouwplaats verlaten, omdat Midreth hun rekeningen al geruime tijd niet meer voldoet.

Bij Midreth, een grote aannemer uit Mijdrecht, heeft de Rabobank de leiding overgenomen. Een spoedig faillissement lijkt vrijwel onafwendbaar. Volgens ingewijden zouden zowel de bank als twee andere partijen vandaag een faillissementsaanvraag bij de rechtbank indienen.

Alle partijen, zowel de onderaannemers als opdrachtgever gemeente Amsterdam, hebben inmiddels belang bij een faillissement, omdat dan voor het Stedelijkproject bankgaranties vrijkomen ter grootte van vijf miljoen euro, die hervatting van het werk mogelijk maken.

Het is nog niet te overzien welke strop, financieel en in tijd, dit voor de nieuwbouw van het Stedelijk Museum betekent, maar de timing is erg ongunstig. Ook de glaszetters hebben gisteren het werk neergelegd, terwijl het gebouw nog steeds niet wind- en waterdicht is. Officieel zou het Stedelijk dit jaar moeten opengaan.

Vermoedelijk nog vanmiddag gaat het ambtelijk bouwteam rond de tafel met de onderaannemers. Die dreigen in grote moeilijkheden te komen door de betalingsachterstanden. (ALBERT DE LANGE)

Het Parool. Alle rechten voorbehouden.

http://www.parool.nl/parool/nl/4/AMSTERDAM/article/detail/1829084/2011/01/28/Bouw-Stedelijk-Museum-ligt-stil.dhtml

SPEECH NELLY RAAD OVER 7E UITVOERINGSKREDIET

Het moet nou toch niet gekker worden, Voorzitter,

tijdens de vorige vergadering van de Commisie Verkeer en Vervoer verzon Wethouder Wiebes een metafoor, die de aanwezige Commissieleden met boter en suiker naar binnen schrokten, en waarbij ze zich na afloop er nog steeds niet van bewust waren dat ze zich een enorm OOR hadden laten aannaaien. Wat zeg ik: een OORMERK!

Opeens zaten ze blij en voldaan, omdat de lange vergadering was afgelopen, met die enorme gele plastic flappen in

hun oor gestanst, elkaar aan te kijken in de wei hier aan de Kloveniersburgwal,

EN ZE ZAGEN HET NIET!

Waren ze eerst nog wat kritisch geweest; omdat  “het toch niet zo kan zijn” en “zo gaan we niet met elkaar om” en “er was toch  afgesproken, dat voortaan deze complexe materie toegankelijk zou worden gepresenteerd”. Al spoedig verloor men zich in details, “staat er niet op bladzijde 27….?”,  en de constatering van Red Amsterdam dat elke financiële onderbouwing, planning of prognose voor dit krediet ontbreekt, werd collegiaal genegeerd, omdat ze het zelf ook niet helemaal begrepen waar in dit verhaal het verschil zit tussen krediet en inflatoire financiering, en waar het balletje-balletje bleef onder de dekseltjes van het investeringspotje, het stroppenpotje, het fondsenpotje,  het vereveningspotje, het kredietpotje, het KKGG-potje, het reservepotje van de Noord-Zuidlijn.

Want dáár hebben we het over, Voorzitter,  :  De Kosten Van De Noord-Zuidlijn

-gepresenteerd door wethouder Wiebes!

Virtuoos goochelde Wiebes tijdens deze Commissievergadering, alle argumenten tevoorschijn waar dit voorstel tot verstrekking van het ZEVENDE  UITVOERINGSKREDIET níet over ging.

Het ging níet om toestemming over de afbouw van de NZlijn,

het ging níet over een krediet voor de stations, het ging níet over het materieel,

het ging níet over het beveiligingssysteem, het ging níet over het doordrukken van de metro naar Amstelveen, het ging níet over…

-ik weet het niet meer.

Tientallen kleurige ballen, hield de wethouder in de lucht, waar het NIET over ging, bij deze voordracht van College van Burgemeester en Wethouders van 7 december 2010 tot beschikbaar stellen van het 7e UITVOERINGSKREDIET voor de werkzaamheden van de Noord-Zuidlijn.

Het ging, jongens en meisjes,

het ging over een METAFOOR; dat is een vergelijking,

of meer eigenlijk, zegmaar; een beeldspraak.

Ik zal voor iedereen die er niet bij was, proberen te recapituleren wat Wiebes letterlijk verder vertelde. (Luister:)

“Je moet het je zó voorstellen; de Wethouder gaat met een envelop naar de bank op de hoek,  een gróte envelop, en daar gaat hij géld in laten stoppen om de aannemer te kunnen betalen. Want het geld dat vroeger al gegegeven was voor het werk aan de NoordZuidlijn is nu… opperdepop.” (Nee, dat zei die niet)  Hij zei: “Op”.

“Toch moeten de rekeningen betaald worden. Dus nu wordt een flink bedrag opgenomen. Dat is allang afgesproken met de bank. Iedereen weet ervan. De hoogte van het bedrag is allang afgesproken met de Gemeenteraad. Het is eigenlijk niet meer en niet minder dan het verzilveren van een afspraak uit het verleden. Begrijp je ? Dus er hoeft helemaal niet meer over onderhandeld of gediscussieerd te worden. Het is een raadsbesluit geweest, dat we het zó zouden doen. We zouden er hier eigenlijk niet eens over hóeven praten.

Het besluit is al genomen, de rest is een formaliteit.”

Toen de Wethouder dát gezegd had ging er een zúcht van verlichting door de Commissie. Echt waar. Met rode konen hadden ze naar de ontknoping toegeleefd… De spanning was gebroken in déze aflevering van het Kleine-Kansen-Grote-Gevolgensprookje dat NZlijn heet; dat álles toch….Briljant. Die envelop! Dat íets in deze gecompliceerde wereld toch… zoooo eenvoudig was. Wat was dat heerlijk ! Wat was dat een opluchting. Mmm.

Dankbaar keken ze de Wethouder aan -tegen het einde van de vergadering van 20 januari jl; allemaal met zo’n gele plastic flap in het oor, als makke lammeren.

Voorzitter, dames en heren!

Als het nu echt zo’n formaliteit was, waarom heet het dan een ‘voordracht’ van het College en Wethouders ? Waarom staat het vandaag dan officieel op de Raadsagenda ? Waarom wordt de Raad hier en nu gevraagd het voorstel te steunen ? Waarom wordt er hier vandaag over gestemd?

Als alles al besloten is en er niet meer over gepraat hoeft te worden, waarom is de Wethouder het geld dan niet even gaan hálen hier bij de bank om de hoek ?

Ik zal u ook een verbluffend eenvoudig en ontluisterend antwoord geven:

Omdat die bank er niet staat. Omdat dat de kas leeg is.

Omdat de Gemeente geen geld meer heeft. Omdat het een lening is.

Omdat er geweldige financiële verplichtingen mee worden aangegaan, te betalen door de burgers van deze stad. Decennialang.

Omdat het een GIGANTISCH bedrag is:  We hebben het hier over een niet te bevatten somma van 1, 2 miljard euro! Plus rente.

Omdat Wethouder Wiebes met zo’n enorme envelop met geld helemaal niet alléén over straat durft. Dát is het.

Dames en heren, het echte antwoord is: Omdat het College van Burgemeesters en Wethouders u medeplichtig wil maken.

Kunnen ze nooit zeggen, dat u van niets wist. Het was slechts een metafoor van de wethouder. Het was een voorstel van het College. Maar de Raad beslist ! Weet u nog wel ?  Kunt u over een jaar of 10 bij de volgende Raadscommissie Limmen -laten we zeggen: de Enquete-commissie Frijda- nalezen hoe door het, dan inmiddels beruchte ZEVENDE UITVOERINGSKREDIET, bijgenaamd het ‘Harry-Potter-Besluit’, de stad failliet ging, iedereen verkeerd voorgelicht werd, iedereen hopeloos naief was en iederéén boter op zn hoofd had.  Opnieuw.

Niets geleerd van de geschiedenis. Niets van Veerman. Niets van Limmen. Niets van Icarus.

Om van G.Dales maar niet te spreken.

Gelukkig heeft de Wethouder zich tijdig gerealiseerd dat die al te simpele verklaring over het voorliggende voorstel wat al te erg was, en heeft in een gisteren overhaast nagezonden, brief een wat genuanceerder beeld geschetst, dan in het zojuist gememoreerde sprookjesscenario.

Hij heeft gelijk. De Raad heeft al bij de Begrotingsbehandeling in december jl ingestemd met dit ‘traject’. De kredietaanvraag is gedaan met instemming van de Raad. Het is nu inderdaad een kwestie ophalen van liquideren; het op de reking zetten van echt geld. Een formaliteit. Een hamerstuk.

Wat zeur ik nou nog ? Wat moet Red Amsterdam zich hier nu nog profileren ?

Vanwege het ontbreken van enige onderbouwing. Okee, noem het een achterhoedegevecht.

Vanwege het ontbreken van een aanvaardbare verantwoording in Q3, het derde kwartaaloverzicht van 2010.

Vanwege het ontbreken van de financiële planning per 1 januari 2011 voor de Noord-Zuidlijn.

Vanwege het ontbreken van enig door de Wethouder en NZdirectie, zelfgegenereerd, inzichtelijk flankerend financieel overzicht met een precies -niet versluierd- inzicht in mutaties, bijstellingen, gerealiseerde kosten versus begrote kosten, financieringskosten, rentelasten, verwachtingen, risico’s, dekkingen…

Vanwege het ontbreken van een panoramisch beeld, -als alle rookgordijnen zijn opgetrokken- boven het financiële slagveld, van de NZlijn-financiering, en de gevolgen ervan echt voelbaar worden in de stad, in het OV-aanbod en de lasten voor de burger.

Vanwege het ontbreken van enig zicht op een reëel eindbedrag voor de totale kosten van de Noord-Zuidlijn, (komop, gooi het eruit, het dondert nu toch niks meer!)…

Daarom.

Wij van Red Amsterdam vinden dat u, collega Raadsleden, alleen al uit goed fatsoen, en omdat u serieus genomen wenst te worden en omdat het afgesproken was in de jaartelling Na Limmen,

NIET moet instemmen met dit voorstel, VOORDAT alle stukken, begrijpelijk, ook voor Jip-en-Janneke, ter tafel liggen.

Daarná wat ons betreft ook niet, maar zeker niet nú!

Die onderliggende financiële verantwoording voor dit mega-krediet voor de Noord-Zuidlijn MOET NU EERST op tafel.

Het is uw laatste kans, de blamage in het Rapport Frijda te ontlopen.

Red Amsterdam: stemt tegen!

aantasting van een fraai voorbeeld van architectuur van de Amsterdamse School aan het Zuivelplein in het Tuindorp Watergraafsmeer, beter bekend als ‘Betondorp’

Gezien de eigen website van de gemeente  Amsterdam, met daarop de pagina over de destijds revolutionaire en innovatieve architectuur van Betondorp in de stijl van de Amsterdamse School

www.amsterdam.nl/@4813/typisch_amsterdams_-_7/

waarin terecht het bijzondere karakter en authenticiteit geloofd wordt.

Gezien de aan de voormalige school aan het Zuivelplein gewijde pagina op de website het Geheugen van Oost

Amsterdamse School aan het Zuivelplein in het Tuindorp Watergraafsmeer, beter bekend als 'Betondorp' www.geheugenvanoost.nl/page/21717/nl

http://www.geheugenvanoost.nl/page/21717/nl

waarop oude en recente afbeeldingen staan van het monumentale schoolgebouw.

Gezien het feit dat in 1988 reeds, de gebouwen rond De Brink tot rijksmonument werden uitgeroepen, en gestreefd zou moeten worden geheel Betondorp de monumentenstatus te verlenen, hetzij door de gemeente, hetzij door het Rijk.

Gezien de voormalige school aan het Zuivelplein één van de fraaiste en onaangetastste voorbeelden is van de architectuur van de Amsterdamse School.

Gezien het feit dat op zeer korte termijn, of reeds nu, aangevangen wordt met het uitbreken van de gevel ten behoeve van een nieuwe entree voor het zoveelste kinderdagverblijf in de buurt, waarbij aangenomen kan worden dat dit met toestemming gebeurt van het stadsdeel Oost.

Gezien de gisteren gehoorde opvatting van wethouder Wiebes, dat “als eenmaal iets verpest wordt, het meestal onherstelbaar is”

Gezien het vorenstaande heeft ondergetekende de eer, namens de fractie van  Red Amsterdam, op grond van artikel 45 van het Reglement van orde voor de raad van Amsterdam, de volgende schriftelijke vragen te stellen:

1. Is het college bekend met het historische karakter van en unieke architectonische ensemble dat door Tuindorp Watergraafsmeer gevormd wordt ? Met als fraaie representant de voormalige school aan het Zuivelplein ?

2. Is het college met ons van mening dat dit schoolvoorbeeld van diverse innovatieve bouwstijlen uit het begin van de 20e eeuw, te weten de Amsterdamse School, het Nieuwe Bouwen, de Nieuwe Zakelijkheid, zoals verenigd in Betondorp, waar mogelijk onaangetast dient te blijven ?

3. Is het college met ons van mening dat geen enkele reden valabel genoeg is om onherstelbare architectonische ingrepen te doen aan een bouwwerk met zo’n bijzondere allure als de voormalige school aan het Zuivelplein ?

4. Zo ja. Is het college met ons van mening dat een vergunning tot het openbreken van de gevel ten behoeve van een nieuwe entree in dit gebouw niet had mogen worden afgegeven, en herroepen dient te worden ?

5. Zo ja. Is het college bereid om op de kortst mogelijke termijn contact op te nemen met het stadsdeel Oost met het doel de bouwwerkzaamheden aan de gevel van de school te staken ?

6. Is het college bereid zonodig de door Oost afgegeven bouwvergunning te ‘overrulen’ met een verbod op aantasting van de gevel van de school, gezien het stadsdeeloverstijgende historische belang dat door het behoud van de gevel in zijn oorspronkelijke staat gediend wordt ?

7. Is het college bereid, ter voorkoming van verdere cultuurbarbaarse ingrepen met toestemming van het stadsdeel Oost, ten spoedigste de procedure te starten het schoolgebouw aan het Zuivelplein de monumentenstatus te verlenen, en daarnevens hetzelfde te doen voor Betondorp als geheel. Al dan niet van Rijkswege.

8. Is het college bereid, ter voorkoming van verdere cultuurbarbaarse ingrepen met toestemming van het stadsdeel Oost, ten spoedigste de procedure te starten het schoolgebouw aan het Zuivelplein de monumentenstatus te verlenen, en daarnevens hetzelfde te doen voor Betondorp als geheel. Al dan niet van Rijkswege.

Schriftelijke vragen van het raadslid Nelly Frijda namens de fractie Red Amsterdam inzake het verwijderen van “nietjes” op het Leidseplein

Gezien met eigen ogen de enorme puinhoop van overelkaar getuimelde fietsen op het Leidsplein zaterdagavond jl, gestaafd door een foto met hetzelfde chaotische tafereel op de voorpagina van Het Parool van de dag ervoor,

Gezien de absurdistisch aandoende maatregel van het Stadsdeel Centrum ter oplossing van de parkeerprobleem van fietsen in het Centrum -en met name op het Leidseplein- , namelijk het verwijderen van de degelijke, efficiente, fraaie, roestvrijstalen fietsenrekjes (zgn ‘nietjes’), met daarvoor in de plaats op de grond geschilderde parkeervakken, met de verwachting dat daarbinnen fietsen ordentelijk neergezet dienen te worden, onder een streng handhavingsbeleid.

Gezien de notoire onordentelijkheid van de Amsterdammer en de wens de fiets, veilig tegen ontvreemding, stevig te vergrendelen aan een onroerend goed en op de geringst mogelijke afstand van het doel van de fietstocht.

Gezien het gedrag van passerende dronken torren, die -met opzet-, of ook reguliere fietsers, die geheel legitiem hun eigendom weer wensen te onttrekken aan de ijzeren greep van steuntjes, sturen en uitsteeksels van naburige rijwielen, en die -per ongeluk-, een domino-effect veroorzaken, waardoor alle fietsen in en uit het vak omvallen.

Gezien de daardoor onstane chaos, die het voetgangersverkeer hinderen, doorgangen versperren, en daarmee vluchtroutes, maar ook aanrij-routes voor hulpdiensten ontoelaatbaar blokkeren.

Gezien het vorenstaande heeft ondergetekende de eer, namens de fractie van  Red Amsterdam, op grond van artikel 45 van het Reglement van orde voor de raad van Amsterdam, de volgende schriftelijke vragen te stellen:

1. Is het College met ons van mening dat het Leidseplein/Kleine Gartmanplantsoen één van de visitekaartjes van de stad is, zowel voor haar bewoners als voor haar bezoekers ?

2, Is het de College bekend dat het Stadsdeel Centrum de ‘nietjes’ op de drukste plekken van de stad verwijdert ?

3. Is het College met ons van mening dat het ene zich niet verdraagt met het andere en de onstane situatie onwenselijk en gevaarlijk is ?

4. Is het College bereid, gezien het stadsdeel-overstijgende karakter van het ongemak, het Stadsdeelbestuur te sommeren deze maatregelen van het Stadsdeel Centrum 1) ongedaan te maken, 2) de nietjes te herplaatsen, 3) duidelijk te laten verwijzen naar naburige fietsenstallingen en 4) haalbare alternatieven te ontwikkelen tegen de parkeeroverlast, die het al sedert 2002 heeft toegezegd ?