Tagarchief: Nelly Frijda

Visie op Structuurvisie Amsterdam 2040

“De tijd van de grootschalige projecten is voorbij”, aldus Amsterdams gemeentebestuur in de begroting 2011 inzake het Vereveningsfonds.

Die conclusie volgt op de voorlopige bouwstop vorige zomer.

De hoofdstad kampt met de grootste terugval in de woningbouw sinds veertig jaar. Amsterdam hoopt vooral via het (voorlopig?) afblazen van bouwprojecten het tekort te reduceren met € 900 miljoen.

Breken ooit betere tijden aan? Zelf zegt het gemeentebestuur daarover dat nog niet is te voorzien hoe diep de terugval zal zijn en hoe lang herstel op zich laat wachten. Intussen wordt wel een Structuurvisie uitgebracht vol toekomstplannen tot 2040. Met het verlies van het Vereveningsfonds waarin baten en lasten van het grondbeleid worden verrekend is nog geen rekening gehouden. De rentelasten van onverkocht braakliggend terrein lopen inmiddels verder op met tientallen miljoenen.

Amsterdam denkt 70-duizend nieuwe woningen nodig te hebben tot 2040 en begint alvast met 45 ha (20%) van IJburg II, gereed te maken, terwijl de bouw op IJburg I al stagneert, en vlakbij, het Zeeburgereiland braak ligt. Kennelijk denkt het college en de verantwoordelijke wethouder aan een tijdelijke dip, die te overbruggen is met een lager ontwikkelingstempo maar niet dwingt tot koersverandering. Maar hoe langer de dip duurt, hoe meer die projecten onder invloed komen te staan van de bevolkingskrimp die rond 2040 zijn hoogtepunt nadert. Dat zal tot bijsturing dwingen.

U weet wat bevolkingskrimp is, neem ik aan ? Er wordt minder geboren in Nederland en er gaan meer mensen dood. Grof gezegd.

Vanaf dit jaar gaat de naoorlogse geboortegolf met pensioen, en neemt de invloed van de bevolkingskrimp toe. Straks rond 2030 wordt de geboortegolf van weleer een aanzwellende uitvaartgolf.  Als gevolg daarvan komen veel, en veel attractieve woningen vrij.  In de periferie maar ook in en om Amsterdam. Dientengevolge zal de noodzaak om veel bij te bouwen ook voor de hoofdstad verminderen. De gevolgen van die demografische ontwikkelingen ontbreken geheel in de structuurvisie.

Door uitstel van projecten valt, als het lang genoeg duurt, het tijdstip van de te hervatten bouwopgave samen met omvangrijke woningverlating. In de kantlijn uitgerekend gaat het om zulke forse aantallen lege woningen dat de noodzaak tot veel nieuwbouw verdampt. Zo leveren de Amsterdammers die nu 60+ zijn bij elkaar in het tijdvak vanaf nu tot zeg maar 2040  meer woningen op dan de 70.000 die ooit in aanbouw moeten worden genomen. En daar komen de te verlaten woningen in vergrijsde gebieden als de Gooi- en Vechtstreek, Kennemerland en de voormalige groeikernen nog bij. Veel van deze grotere woningen worden nu nog door 1 persoon bewoond maar zullen als ze vrijkomen door meerpersoons jongere huishoudens worden overgenomen. Daardoor slinkt de noodzaak tot nieuwbouw nog verder. Een groeiende bevolking in zielen kan desalniettemin met minder nieuwe woningen toe.

De verlaten woningen zullen doorgaans ruim en goed zijn. Er zal zich in plaats van een verdunning -minder bewoners in grotere huizen- een indikkingsproces voordoen. Van eenzame weduwen, naar meerpersoonshuishoudingen in eenzelfde woning. Het woonredenment -zoals dat heet- per woning stijgt en het herbergend vermogen van de bestaande woningvoorraad neemt daardoor zonder nieuwbouw toe.

In Amsterdams’ Structuurvisie met een tijdshorizon tot 2040 mag een tekst over deze ontwikkeling achter de cijfers niet ontbreken. Inderdaad lijkt de tijd van de grootschalige projecten voorbij. Gemeenten, dus ook Amsterdam, zullen zich moeten realiseren dat de betere tijden als ze aanbreken heel andere tijden zullen zijn dan waarop ze zich de afgelopen jaren hebben voorbereid.

Er verandert nu al veel dat een snel herstel van de terugval niet aannemelijk maakt. Het leven wordt duurder en onzeker. Leningen worden duurder en moeilijker dan voorheen afgegeven. Inkomenseisen worden opgetrokken. Banken vrezen verzuipende hypotheken en moeten zelf grotere geldbuffers aanhouden (Basel 3) wat uitlenen afremt. Tophypotheken moeten straks versneld tot 100% worden afgelost.

Onzeker is wat de hypotheekrente en woningprijzen zullen doen. Niet alleen in de koopsector is het kommer en kwel. Investeringen van woningcorporaties kelderen volgens koepel AEDES van € 10 miljard naar € 1 miljard per jaar. Langdurig uitstel wegens geldgebrek is onontkoombaar zeker in de huidige woningmarkt.

De oorzaak: er wordt en is steeds minder  ingespeeld op de woonbehoefte, het passende dak boven het hoofd, maar op de woonbegeerte, het bij elkaar wonen van vermogen met behulp van de hypotheekrenteaftrek en stijgende huizenprijzen.

Even calculerend als eerst werd verhuisd door de burger blijft die nu liever zitten. Geen nood want een Hollands huishouden woont in vergelijking met bijvoorbeeld Denen en Duitsers relatief het ruimst. En anders maakt de tijdelijke btw-verlaging naar 6% het zittenblijven, met een dakkapel of serre erbij gebouwd wel aangenamer.

Red Amsterdam vindt dat deze demografische ontwikkelingen, plus de bijbehorende cijfers, met name het effect op het voorgestelde nieuwbouwprogramma, niet in de Structuurvisie mogen ontbreken. En dient daarom eern motie met die strekking in.

Motie Overwegende:

-          dat de gevolgen van het tekort van meer dan € 900 miljoen op het Vereveningsfonds nog niet in de structuurvisie zijn verwerkt

-          dat het college via uitstel van veel projecten dit tekort probeert te verminderen

-          dat dit uitstel de voorgenomen aanvang verschuift naar het moment waarop de effecten van vergrijzing drastisch zullen toenemen, zich manifesterend in bv toenemende woningverlating in en om de stad

-          dat de gevraagde noodzakelijke cbs-cijfers over deze vergrijzingseffecten nog niet bij de besluitvorming over de structuurvisie voor handen zijn

-          dat omvangrijke woningverlating een neerwaartse aanpassing van het nieuwbouwprogramma nodig kan maken om dubbel woningaanbod te vermijden

draagt/vraagt het college op:

zodra de CBS-cijfers over de vergrijzingseffecten tot 2040 wel beschikbaar zijn deze op woningverlating te toetsen en het eventuele  verminderend effect op het voorgestelde nieuwbouwprogramma van 70.000 alsnog in de Structuurvisie te verwerken opdat  woningaanbod gegenereerd uit woningverlating en tegelijkertijd nieuwbouw tezamen op niet meer dan 70.000 woningen uitkomt

deze verwerkte tekst als onderdeel van de structuurvisie op te vatten

VAN HET GREMIUM NAAR DE GERANIUMS

Het fijne van een afscheidsspeech, meneer de Voorzitter, het fijne is, dat niemand geacht wordt me te interruperen. Ik kan gewoon mijn betoog afmaken zonder dat de jongelui van VVD of GroenLinks me van mn apropos kunnen afbrengen met nare opmerkingen. Zoals de vorige keer, toen ik ze notabene bezorgd waarschuwde! voor buikpijn na het kritiekloos opschrokken van zoete koek. En zij míj verweten dat ik de cijfers niet kon ophoesten, die ze niet aan mij, maar aan de wethouder hadden moeten vragen.

Voorzitter, college, collega raadsleden, leden van griffie en andere medewerkers !

Het fijne van een afscheidsspeech is ook dat deze de mogelijkheid biedt om hier vanaf dit spreekgestoelte -’ex cathedra’ zogezegd- te refelecteren op het verleden , tevens het heden wijselijk te beschouwen, en natuurlijk de aanwezigen pauselijk  te vermanen.

En het fijne van een afscheidsspeech is ook dat het een eindpunt markeert.  Het is afgelopen, voorbij. Ik neem afscheid. Voldaan, maar doodmoe. Hard gewerkt, veel geleerd, maar ‘nu even niet’. Het is zoiets als thuiskomen na een wereldreis: een hoop gezien, -veel gemist- maar blij dat ik weer in mn eigen bed mag liggen.

Want het was een vreemde wereld, dames en heren, waar ik een jaar geleden binnenstapte. Een wereld waarin ik pas na enige tijd dwalen een ragfijn web ontwaarde van mores en conventies, procedures en afspraken, coalities en ambities, openbare en geheime agenda’s; kortom, een web waar een gewoon mens al snel verstrikt in raakt.

Na een poosje kwam ik erachter dat het web een naam had: “Politiek”! Daar kom ik zodadelijk op terug.

Want ik wil één ding niet vergeten te memoreren. In de praktijk van alledag ten stadhuize ontdekte ik een mij tot dan toe onbekend fenomeen;….de Griffie! De discrete, geduldige, verstandige ambtelijke ondersteuning voor de Raad. De griffie wees me de weg door de krochten van het Stadhuis en langs de raggen van de gemeentepolitiek. De griffie was de bron van informatie, waar ik me aan kon laven. Met aan het hoofd een lieve schat; de Raadsgriffier Marijke Pe.  Zij en haar staf bleken er niet alleen te zijn voor de gevestigde partijen en de doorgewinterde raadsleden. Ook voor ons. De nieuwkomers. Juíst voor ons. Nooit is Red Amsterdam met dédain afgedaan. Steeds hebben ze ons, de fractie, zonder aanziens des persoons op weg geholpen en voor uitglijers behoed. Zij bleken, en zíjn -net zoals het onvolprezen gilde van portiers ten Stadhuize- de enige oprechte zekerheid, de enige constante factor in de eb en vloed van komende en gaande gemeenteraadsleden en andere politici. Dank daarvoor.

De laatste tijd wordt me steeds gevraagd of ik “blij ben er vanaf te zijn”. Of -nog erger- of ik “teleurgesteld” ben over wat ik heb kunnen doen of wat Red Amsterdam heeft kunnen bereiken.

Zonder diplomatiek te willen zijn is het oprechte antwoord: Ja en Nee.

Nee. Het was -vanaf den beginne- de afspraak dat ik het één jaar zou doen en dan  zou opstappen. Nu na een jaar weet ik, dat een termijn van twéé jaar het minimum is om het vak van gemeenteraadslid te leren.

Ja. Ik ben blij dat ik niet meer zo keihard zal hoeven te werken als in het afgelopen jaar, dat ik die overload aan informatie niet meer hoef te absorberen, en dat ik zelf weer mijn eigen agenda mag beheren.

Nee. Ik zal de bedrijvigheid hier missen. En de mensen. En de ‘éducation permanente’. Het was een voorrecht om bovenop het Amsterdamse nieuws te zitten -wat je anders ‘s avonds in de krant leest-, en het was fascinerend om de achterkant van het weefsel, het ‘petit-point’ van de macht te kunnen observeren.

Nee. Er is, wat mij betreft, dan ook geen sprake van teleurstelling. Ik wist maar al te goed waar ik aan begon en dat een éénpersoonsfractie geen gewicht in de schaal legt.

Natuurlijk hebben wij onze verkiezingsbelofte waargemaakt, geageerd tegen de NoordZuidlijn, en dat zal Red Amsterdam blijven doen. Het is onze ‘raison d’être’ in dit forum.

Red Amsterdam leeft niet in de illusie dat we de NoordZuidlijn tegen zouden kunnen houden, maar wij zijn er om te laten zien dat dit monster aan de fundamenten van onze stad knaagt. De NoordZuidlijn is de onheilspellende metafoor voor iets veel groters.

Materieel gezien staat de NoordZuidlijn symbool voor al die andere megalomane projecten, die de stad op zn palen laat wankelen: de Zuid-as, de Zeesluis, IJburg twee en drie.

Immaterieel is de NoordZuidlijn symbool voor te grote ambities in de politiek, te grote ego’s en te geringe capaciteiten om ze waar te maken. Voor wensdenken, voor de illusie van de maakbaarheid van de samenleving, waar “optimisme als een plicht” gevoeld wordt, zonder rekening te houden met de lengte van de polsstok, de perceptie van anderen en de harde werkelijkheid van de financiële middelen.

Denk aan de ontluisterende bevindingen in de Enquete Limmen, denk aan de computerchaos in de gemeente en de stadsdelen; het ICT-debacle.

Denk aan de onkunde om een straat, een sluis of een brug binnen het budget op te leveren, of een museum binnen de daarvoor geplande tijd. Of een NoordZuidlijn.

Denk aan het het failliet van het Danshuis, het Musiq-gebouw in Oost, de aannemer Midreth, dat je van kilometers ver kon zien aankomen.

Denk aan de persoonlijke ambities die een vruchtbare samenwerking in de weg staan en handenvol geld kost, zoals met AT5 of de Kunstraad.

Denk ook aan de kleinzieligheid van de burenruzies in de stadsdelen, in West, in Oost, waar politiek culmineert in ordinair gekijf van gekwetste ego’s, die zelfs op straat te horen is.Naar mijn gevoel, een intrinsiek gevolg van de illusie dat stadsdelen de democratie zouden dienen, zonder rekening te houden met de menselijke maat en persoonlijke ambities, die daar het meest aan de oppervlakte geraken. Dit alles en allemaal in de superieure wetenschap ten stadhuize dat de macht pro forma gedelegeerd is, en echte politiek niet elders dan hier bedreven wordt.

Nee. Ik had niet de illusie, dat er naar ons geluisterd zou worden of dat Red Amsterdam er iets toe doet.

Hoe verstandig het ook zou zijn een moratorium op de afbouw van de NoordZuidlijn in te stellen, hoe onverstandig het ook is om in deze tijd zo veel geld uit te geven aan de uitbouw van de NoordZuidlijn naar Amstelveen, hoe waarschijnlijk het ook is dat de geologische gesteldheid onder het station Vijzelgracht een onoverkomelijke barrière zal blijken te zijn om de NoordZuidlijn ooit te voltooien, uit prestige-overwegingen en partij-politiek, zullen de alfa-mannetjes persisteren dat het MOET. Koste wat het kost.

Ja. Ik had de hoop dat het ons zou lukken ‘De Opstapper’, het busje voor de binnenstad te redden van de ondergang.Het leek er ook op. Schijnbaar mocht De Opstapper op grote sympathie rekenen binnen de Raad. De PvdA wilde hem behouden. GroenLinks zou onze motie mede ondertekenen. De kleine partijen deden dat ook.En dan merk je, tot je verbazing, dat als het puntje bij het paaltje komt, alle mooie woorden ten spijt, dat om particuliere, of opportunistische, of partijpolitieke redenen de meerderheid tot behoud van De Opstapper plotsklaps is verdampt.

Verbazing: Ja. Teleurstelling: Nee, niet echt. Dat gebeurt nou eenmaal in de politiek.

Verbazing: Ja. Niet dat het gebeurt, maar dat mensen in staat zijn om eerst iets met grote oprechtheid te beweren, en dan met droge ogen iets totaal anders kunnen doen.

En als je je dan afvraagt hóe dat kan dringt zich toch een uiterst banale vergelijking aan me op. Het zal u niet verbazen dat ik als actrice moet denken aan een ordinaire soap. En dat bedoel ik niet badinerend. Politiek voldoet aan de onontkoombare wetten waaraan een soap moet voldoen. Banaal, spannend, gemeen, griezelig dicht de werkelijkheid benaderend, het echte leven.

Want hoe serieus de actores ook zijn, hoe belangrijk hun beslissingen ook voor de burgers, voor de stad en voor het land, wel beschouwd draagt het politieke bedrijf alle kenmerken van Goede Tijden, Slechte Tijden. In Amsterdam getiteld Kleine Kansen, Grote Gevolgen.

Het is een dagelijks terugkerende, fascinerende, hijgerig opgediste serie dramatische gebeurtenissen zonder eind, met ingewikkelde verhaallijnen, die naar behoeven de aandacht trekken of verdwijnen onder het stof van nieuwe conflicten, waarin intriges en overspel, beloften en verraad, boeven en slachtoffers, idealisten en lawaaimakers, alfa-mannetjes en underdogs hun plaats opeisen en ondergaan in de waan van de dag.

Begrijp me goed. Ik bedoel dit niet badinerend.

Het is net zo echt, netzo fascinerend en verslavend als de krant en het Journaal voor nieuwsjunks, zó fascinerend en verslavend zijn de voorthollende gebeurtenissen van de politiek voor snel-schakelende, slimme jongens en ambitieuze meisjes, de politiek.De politiek is een fascinerende, intellectuele uitdaging,  heb ik gezien. Het heeft alleen niets met democratie te maken. Het is gymnastiek voor de geest, schaken op hoog niveau, een competitie van de competenties. Rücksichtslos. Even overweldigend als meeslepend, als in een soap.

Op een dag kan je niet meer zonder. Ben je verslaafd aan het spel, aan het pluche of aan de macht.

Op een dag word je uit het script geschreven.Omdat het de afspraak is. Of een nieuwe coalitie is gesloten. Motie van wantrouwen aan je broek. Van het gremium naar de geraniums.Kan je naar huis, naar je eigen bed.

Vragen van Red Amsterdam over Stedelijk Museum

Schriftelijke vragen van het raadslid Nelly Frijda namens de fractie van Red Amsterdam inzake de berichtgeving in Het Parool over het dreigende faillissement van Midreth, hoofdaannemer voor de renovatie/nieuwbouw van het Stedelijk Museum

Aan het college van burgemeester en wethouders

Gezien de berichtgeving in Het Parool van 28 januari 2011 (11:30u), waarin wordt gerept van het dreigende failllissement van de hoofdaannemer van de renovatie/nieuwbouwwerkzaamheden aan het Stedelijk Museum, en het feit dat alle werknemers van de onderaannemers het werk hebben verlaten en aldus de werkzaamheden aan het Stedelijk Museum geheel zijn komen stil te liggen,

Gezien het feit dat dit de zoveelste tegenvaller is in dit dossier en de zoveelste verkeerde inschatting lijkt van de werkelijke problemen bij Midreth.

Gezien het feit dat wij, de Raad en de leden van de Commissie OZK een en ander uit de krant moeten vernemen.

Gezien het vorenstaande heeft ondergetekende de eer, namens de fractie van  Red Amsterdam, op grond van artikel 45 van het Reglement van orde voor de raad van Amsterdam, de volgende schriftelijke vragen te stellen:

1. Sinds wanneer is de Wethouder op de hoogte van het dreigende faillissement van hoofdaannemer Midreth ?

2. Waarom is de Raad en in het bijzonder de Commissie OZK niet terstond geinformeerd over de meest recente ontwikkelimgen ?

3. Was het -dreigende- faillisement 1) voorzien, en 2) te voorkomen geweest, en 3) had de Gemeente hierbij een leidende, pro-actieve rol kunnen spelen?

Zo nee. Waarom niet ?

Zo ja. Waaruit blijkt dat ?

4. Is de Wethouder met ons van mening, dat opnieuw de financiële monitoring en verslaglegging door de bouwdirectie van het Stedelijk Museum en dienst bouwtoezicht van de Gemeente heeft gefaald ?

Zo nee. Waaruit blijkt dat ?

Zo ja. Is de Wethouder voornemens terstond maatregelen te nemen, het management/directies ter verantwoording te roepen en zonodig te vervangen ?

5. Wat betekent een faillisement van Midreth voor de voortgang der werkzaamheden aan het Stedelijk Museum, voor de vertraging in de oplevering, voor de werknemers van aannemer en onderaannemers, en -meest belangrijk- qua financiële consequenties voor de Gemeente  ?

6. Wat betekent een faillisement van Midreth voor andere opdrachten, projecten en werkzaamheden van Midreth in opdracht van de Gemeente ?

7. Is de Wethouder bereid de Raad, en de Commissie OZK lopende de onderhandelingen tussen de belanghebbenden; de Gemeente, het ambtelijk bouwteam,de Rabobank, Midreth en onderaannemers één-op-één op de hoogte te houden van de ontwikkelingen ?

8. Wat betekent het stopzetten van de bouw aan het Stedelijk Museum voor die lelijke witte uitbouw, die maar blijft lekken en niet past ?

SPEECH NELLY RAAD OVER 7E UITVOERINGSKREDIET

Het moet nou toch niet gekker worden, Voorzitter,

tijdens de vorige vergadering van de Commisie Verkeer en Vervoer verzon Wethouder Wiebes een metafoor, die de aanwezige Commissieleden met boter en suiker naar binnen schrokten, en waarbij ze zich na afloop er nog steeds niet van bewust waren dat ze zich een enorm OOR hadden laten aannaaien. Wat zeg ik: een OORMERK!

Opeens zaten ze blij en voldaan, omdat de lange vergadering was afgelopen, met die enorme gele plastic flappen in

hun oor gestanst, elkaar aan te kijken in de wei hier aan de Kloveniersburgwal,

EN ZE ZAGEN HET NIET!

Waren ze eerst nog wat kritisch geweest; omdat  “het toch niet zo kan zijn” en “zo gaan we niet met elkaar om” en “er was toch  afgesproken, dat voortaan deze complexe materie toegankelijk zou worden gepresenteerd”. Al spoedig verloor men zich in details, “staat er niet op bladzijde 27….?”,  en de constatering van Red Amsterdam dat elke financiële onderbouwing, planning of prognose voor dit krediet ontbreekt, werd collegiaal genegeerd, omdat ze het zelf ook niet helemaal begrepen waar in dit verhaal het verschil zit tussen krediet en inflatoire financiering, en waar het balletje-balletje bleef onder de dekseltjes van het investeringspotje, het stroppenpotje, het fondsenpotje,  het vereveningspotje, het kredietpotje, het KKGG-potje, het reservepotje van de Noord-Zuidlijn.

Want dáár hebben we het over, Voorzitter,  :  De Kosten Van De Noord-Zuidlijn

-gepresenteerd door wethouder Wiebes!

Virtuoos goochelde Wiebes tijdens deze Commissievergadering, alle argumenten tevoorschijn waar dit voorstel tot verstrekking van het ZEVENDE  UITVOERINGSKREDIET níet over ging.

Het ging níet om toestemming over de afbouw van de NZlijn,

het ging níet over een krediet voor de stations, het ging níet over het materieel,

het ging níet over het beveiligingssysteem, het ging níet over het doordrukken van de metro naar Amstelveen, het ging níet over…

-ik weet het niet meer.

Tientallen kleurige ballen, hield de wethouder in de lucht, waar het NIET over ging, bij deze voordracht van College van Burgemeester en Wethouders van 7 december 2010 tot beschikbaar stellen van het 7e UITVOERINGSKREDIET voor de werkzaamheden van de Noord-Zuidlijn.

Het ging, jongens en meisjes,

het ging over een METAFOOR; dat is een vergelijking,

of meer eigenlijk, zegmaar; een beeldspraak.

Ik zal voor iedereen die er niet bij was, proberen te recapituleren wat Wiebes letterlijk verder vertelde. (Luister:)

“Je moet het je zó voorstellen; de Wethouder gaat met een envelop naar de bank op de hoek,  een gróte envelop, en daar gaat hij géld in laten stoppen om de aannemer te kunnen betalen. Want het geld dat vroeger al gegegeven was voor het werk aan de NoordZuidlijn is nu… opperdepop.” (Nee, dat zei die niet)  Hij zei: “Op”.

“Toch moeten de rekeningen betaald worden. Dus nu wordt een flink bedrag opgenomen. Dat is allang afgesproken met de bank. Iedereen weet ervan. De hoogte van het bedrag is allang afgesproken met de Gemeenteraad. Het is eigenlijk niet meer en niet minder dan het verzilveren van een afspraak uit het verleden. Begrijp je ? Dus er hoeft helemaal niet meer over onderhandeld of gediscussieerd te worden. Het is een raadsbesluit geweest, dat we het zó zouden doen. We zouden er hier eigenlijk niet eens over hóeven praten.

Het besluit is al genomen, de rest is een formaliteit.”

Toen de Wethouder dát gezegd had ging er een zúcht van verlichting door de Commissie. Echt waar. Met rode konen hadden ze naar de ontknoping toegeleefd… De spanning was gebroken in déze aflevering van het Kleine-Kansen-Grote-Gevolgensprookje dat NZlijn heet; dat álles toch….Briljant. Die envelop! Dat íets in deze gecompliceerde wereld toch… zoooo eenvoudig was. Wat was dat heerlijk ! Wat was dat een opluchting. Mmm.

Dankbaar keken ze de Wethouder aan -tegen het einde van de vergadering van 20 januari jl; allemaal met zo’n gele plastic flap in het oor, als makke lammeren.

Voorzitter, dames en heren!

Als het nu echt zo’n formaliteit was, waarom heet het dan een ‘voordracht’ van het College en Wethouders ? Waarom staat het vandaag dan officieel op de Raadsagenda ? Waarom wordt de Raad hier en nu gevraagd het voorstel te steunen ? Waarom wordt er hier vandaag over gestemd?

Als alles al besloten is en er niet meer over gepraat hoeft te worden, waarom is de Wethouder het geld dan niet even gaan hálen hier bij de bank om de hoek ?

Ik zal u ook een verbluffend eenvoudig en ontluisterend antwoord geven:

Omdat die bank er niet staat. Omdat dat de kas leeg is.

Omdat de Gemeente geen geld meer heeft. Omdat het een lening is.

Omdat er geweldige financiële verplichtingen mee worden aangegaan, te betalen door de burgers van deze stad. Decennialang.

Omdat het een GIGANTISCH bedrag is:  We hebben het hier over een niet te bevatten somma van 1, 2 miljard euro! Plus rente.

Omdat Wethouder Wiebes met zo’n enorme envelop met geld helemaal niet alléén over straat durft. Dát is het.

Dames en heren, het echte antwoord is: Omdat het College van Burgemeesters en Wethouders u medeplichtig wil maken.

Kunnen ze nooit zeggen, dat u van niets wist. Het was slechts een metafoor van de wethouder. Het was een voorstel van het College. Maar de Raad beslist ! Weet u nog wel ?  Kunt u over een jaar of 10 bij de volgende Raadscommissie Limmen -laten we zeggen: de Enquete-commissie Frijda- nalezen hoe door het, dan inmiddels beruchte ZEVENDE UITVOERINGSKREDIET, bijgenaamd het ‘Harry-Potter-Besluit’, de stad failliet ging, iedereen verkeerd voorgelicht werd, iedereen hopeloos naief was en iederéén boter op zn hoofd had.  Opnieuw.

Niets geleerd van de geschiedenis. Niets van Veerman. Niets van Limmen. Niets van Icarus.

Om van G.Dales maar niet te spreken.

Gelukkig heeft de Wethouder zich tijdig gerealiseerd dat die al te simpele verklaring over het voorliggende voorstel wat al te erg was, en heeft in een gisteren overhaast nagezonden, brief een wat genuanceerder beeld geschetst, dan in het zojuist gememoreerde sprookjesscenario.

Hij heeft gelijk. De Raad heeft al bij de Begrotingsbehandeling in december jl ingestemd met dit ‘traject’. De kredietaanvraag is gedaan met instemming van de Raad. Het is nu inderdaad een kwestie ophalen van liquideren; het op de reking zetten van echt geld. Een formaliteit. Een hamerstuk.

Wat zeur ik nou nog ? Wat moet Red Amsterdam zich hier nu nog profileren ?

Vanwege het ontbreken van enige onderbouwing. Okee, noem het een achterhoedegevecht.

Vanwege het ontbreken van een aanvaardbare verantwoording in Q3, het derde kwartaaloverzicht van 2010.

Vanwege het ontbreken van de financiële planning per 1 januari 2011 voor de Noord-Zuidlijn.

Vanwege het ontbreken van enig door de Wethouder en NZdirectie, zelfgegenereerd, inzichtelijk flankerend financieel overzicht met een precies -niet versluierd- inzicht in mutaties, bijstellingen, gerealiseerde kosten versus begrote kosten, financieringskosten, rentelasten, verwachtingen, risico’s, dekkingen…

Vanwege het ontbreken van een panoramisch beeld, -als alle rookgordijnen zijn opgetrokken- boven het financiële slagveld, van de NZlijn-financiering, en de gevolgen ervan echt voelbaar worden in de stad, in het OV-aanbod en de lasten voor de burger.

Vanwege het ontbreken van enig zicht op een reëel eindbedrag voor de totale kosten van de Noord-Zuidlijn, (komop, gooi het eruit, het dondert nu toch niks meer!)…

Daarom.

Wij van Red Amsterdam vinden dat u, collega Raadsleden, alleen al uit goed fatsoen, en omdat u serieus genomen wenst te worden en omdat het afgesproken was in de jaartelling Na Limmen,

NIET moet instemmen met dit voorstel, VOORDAT alle stukken, begrijpelijk, ook voor Jip-en-Janneke, ter tafel liggen.

Daarná wat ons betreft ook niet, maar zeker niet nú!

Die onderliggende financiële verantwoording voor dit mega-krediet voor de Noord-Zuidlijn MOET NU EERST op tafel.

Het is uw laatste kans, de blamage in het Rapport Frijda te ontlopen.

Red Amsterdam: stemt tegen!

nieuwjaarsspeech Theo Stokkink

Nelly Frijda luistert in de GO Gallery naar de nieuwjaarsspeech van Theo Stokkink

Amsterdam heeft een groots verleden en wil ook een grote toekomst tegemoet gaan. Wie het verleden van Amsterdam slecht kent of niet heeft meegemaakt, moet zich maar eens gaan orienteren in het Amsterdams Museum.
Of luisteren naar de vele liedjes die daarover bestaan. Aan de Amsterdamse grachten is wereldberoemd.
Ik zelf luister van tijd tot tijd wel eens naar het jiddische Amsterdam huilt, waar het eens heeft gelachen.
Weg is de gein, zegt het lied. Het gaat over wat er na de Tweede Wereldoorlog van Amsterdam was overgebleven.
Om heel andere reden lijkt datzelfde lied nu ook op de huidige tijdsgeest te slaan. Humor en de gein hebben nu plaats gemaakt voor stress, voor irritatie en onverdraagzaamheid. Amsterdammers lopen elkaar in de openbare ruimte voor de voeten, fietsen elkaar voor de sokken of voelen zich onveilig.

In het openbaar vervoer was het gebruikelijk je plaats af te staan aan een oudere, kom er nog maar eens om.

Het verleden van Amsterdam lijkt alleen nog maar een façade, terwijl het voort zou moeten leven in het heden en in de toekomst. Zonder verleden geen heden, zonder heden geen toekomst. De directeur van het Amsterdams Historisch Museum, Paul Spies, heeft dat blijkbaar goed begrepen, hij heeft de naam van het museum veranderd in Amsterdams Museum en dat kan niet eens tot misverstanden leiden in een tijd waarin vrijwel alle grote musea in Amsterdam gesloten zijn.

De politieke partij Red Amsterdam vindt dat wie het verleden van Amsterdam niet respecteert zich niet zou mogen bezighouden met de toekomst van Amsterdam. Dat beschouwen we simpelweg als karaktermoord.

Zonder dat respect raken we als Amsterdammers in de stress en vindt er op alle fronten kaalslag plaats. Red Amsterdam is dan ook alleen maar bereid om met respect voor het verleden in de toekomst van Amsterdam te investeren. Een Amsterdammer is altijd trots op zijn stad geweest. Voor een Amsterdammer heeft een stads-vernieuwer die zijn hand overspeelt, afgedaan. Meegaan met je tijd is uitstekend, maar megalomaan gedrag is verwerpelijk, net zo verwerpelijk als verkwisting van overheidsgeld, van geld dat niet in de knip zit.
Red Amsterdam heeft vier jaar de tijd gekregen om zich als lokale partij te profileren en het onmisbare van haar bijdrage in de gemeenteraad aan te tonen. We zijn nu een jaar oud en we willen als stadspartij absoluut een blijvertje worden. Een partij van en voor de burgers van Amsterdam.

Ja, we streven zelfs naar een standbeeld van een wethouder van Red Amsterdam, een standbeeld dat in de loop van deze eeuw nog zal verrijzen want het is opvallend hoe weinig standbeelden van wethouders er sinds dat van Wibaut zijn bij gekomen.
Amsterdam telt heel wat standbeelden: Andre Hazes, Spinoza, Johnny Jordaan, Multatulli, Theo Thijssen, Anne Frank, Kakadorus, Joost van den Vondel, Bredero, Max Euwe, Rembrandt van Rijn en noem ze allemaal maar op. Allemaal grote burgers van Amsterdam.
Ik zal u niet alle namen noemen van wethouders voor wie wij zeker geen standbeeld willen neerzetten.
Veel van die wethouders kwamen even langsfladderen, legden een drol en hebben ons, de Amsterdamse burgers, in de stank laten zitten.
Wij zijn een Amsterdamse stadspartij, opgericht door burgers waar niet naar werd geluisterd. En het adagium luidt: als je niet horen wil moet je maar voelen. Tot nu toe zijn het niet meer dan speldenprikken geweest. Speldenprikken richten weinig uit tegen het geweld van zo’n gigantische boor waar het college de stad met weinig respect voor het verleden mee te lijf gaat. En dat notabene ook nog onder de gordel.
Maar Amsterdam is niet in een dag gebouwd en laat zich dus ook niet in een dag afbreken. We verkeren tussen droom en daad. Het vraagt om enig uithoudingsvermogen.

Ik wens u een liefdevol en gelukkig 2011, vol humor en gein. Ik dank u voor uw aandacht.

Theo Stokkink, voorzitter Red Amsterdam

Nelly bij 1Vandaag

Het TV programma 1Vandaag besteede (27-12-10) in de kerstweek tijd aan mensen die in het afgelopen jaar veel in het nieuws waren. Nelly Frijda was een van hen en haar  “kerstkaart” is hier te zien:

sitestat
Verslag: Sander ‘t Sas Redactie: Fouzia Elhannouti (27-12-10)

Nelly Frijda richtte in 2009 samen advocate Nelleke van ‘t Hoogerhuijs de partij Red Amsterdam op. Tijdens de gemeenteraadsverkiezingen van 2010 wordt ze met 5456 voorkeursstemmen gekozen in de Amsterdamse raad. Vanavond blikt EenVandaag met haar terug op het afgelopen jaar. Hoe kijkt ze terug op de gemeenteraadsverkiezingen, Red Amsterdam en de Noord-Zuidlijn?

Nelly Frijda (1936) heeft een enorme staat van dienst. Vanaf haar achttiende staat ze al op de planken, inmiddels dus meer dan vijftig jaar. Ze begon in het cabaret van Wim Kan en speelde in meer dan dertig films en televisieseries, waaronder Keetje Tippel, Mama is boos!, De Johnsons, Mijn Franse tante Gazeuse, Ellis in Glamourland en Het Zwijgen. Bij het grote publiek is ze vooral bekend als Ma Flodder uit de films Flodder en de gelijknamige televisieserie.

Nelly was al eerder te zien in 1Vandaag (20-02-10)
sitestat
Deze week(20-02-10) volgt EénVandaag actrice Nelly Frijda, die campagne voert voor de door haar opgerichte partij Red Amsterdam. De partij, die meedoet aan de gemeenteraadsverkiezingen, verzet zich met hand en tand tegen de steeds duurder wordende nieuwe metrolijn in Amsterdam. We gaan met Nelly Frijda naar bewoners die door de bouw van de Noord-Zuidlijn hun huis zagen verzakken.

Ook voert ze campagne bij de Bijenkorf die risico’s vreest als het boren van de tunnel op 11 maart gaat beginnen. Samen met haar dochter Miranda heeft ze een carnavalsliedje opgenomen om haar onvrede te uiten. (luister hier)

Nelly Frijda (1936) heeft een enorme staat van dienst. Vanaf haar achttiende staat ze al op de planken, inmiddels dus meer dan vijftig jaar. Ze begon in het cabaret van Wim Kan en speelde in meer dan dertig films en televisieseries, waaronder Keetje Tippel, Mama is boos!, De Johnsons, Mijn Franse tante Gazeuse, Ellis in Glamourland en Het Zwijgen. Bij het grote publiek is ze vooral bekend als Ma Flodder uit de films Flodder en de gelijknamige televisieserie.
Dit seizoen zou Frijda naast Jon van Eerd te zien zijn in de theaterkomedie Oranje Boven. Ze moest echter wegens ziekte afzeggen en haar rol werd overgenomen door Liz Snoijink. Naast haar acteerwerk treedt ze tevens op als zangeres in radioprogramma’s.

De raad beslist! De Opstapper voor de stad te behouden

Nelly Frijda tijdens slotbeschouwing 2011

Als er weer eens verstandige keuzes moeten worden gemaakt, waar het college niets voor voelt,
òf controversiële keuzes, òf te ingewikkelde, horen wij diverse wethouders in de Commissievergaderingen dikwijls na een lang -vaak somber getoonzet- betoog concluderen:
“De Raad beslist”.
Ze zeggen zelden: “Ach, interessant. Zo hadden we het nog niet bekeken”.
Of: “Ja, dat is ook eigenlijk te dwaas. Dáár moeten we wat aan doen”.
Of: “Als zóveel burgers het willen; gaan wij met het gehele ambtelijke apparaat ertegenaan, daar een mouw aan te passen”.

Zal ik, om de gedachten even te bepalen, een aantal vrágen bij deze antwoorden verzinnen?
Ik neem maar, bij het onderwerp ‘vervoer’, een paar willekeurige vragen die onlangs gesteld zijn en waarvan een aantal dezer dagen ter stemming komen.
“Het autoluw maken van de stad heeft als onbedoeld bij-effect dat het aantal geparkeerde fietsen exponentieel stijgt in het Centrum . Kunnen we de ruimtes onder het CS, en plekken boven de metrobuis niet inrichten als fietsenstalling ?” (GrL)
“Is het niet buitengewoon onvriendelijk voor vreemdelingen in deze stad, dat ze voortaan hun weggesleepte auto, ‘s nachts niet meer kunnen ophalen en moeten wachten tot de volgende morgen 7 uur ?” (VVD)
“Waarom wordt de ombouw van de Amstelveenlijn tot metrolijn al aanbesteed terwijl niemand het wil, haltes verdwijnen, lijn 5 wordt opgeheven en er geen geld is?” (SP)
“Moet de centrale stad niet ingrijpen als een Stadsdeel besluit de parkeertarieven te verhogen met zo’n 100% ? ” (CDA)
Ja en natuurlijk ook (PvdA): “Die Opstapper heeft veel meer dan alleen vervoerskundige waarde en bijna iedereen wil hem behouden. Kunnen we daar niet wat aan doen ?”

Standaard-antwoord: “De Raad beslist”.

En dan mag de Raad beslissen: een beetje hier erbij. Een beetje daar eraf.
Maar het veronrustende is dat de Raad helemaal niet beslist bij bedragen die ertoe doen ! Bij de grootste bedragen, de hoogste kostenposten, de weggefrommelde financieringskosten, de miljoenen-tegenvallers.
“Hoe hoger de bedragen. Hoe fultieler de inbreng van de Raad”, zei Red Amsterdam nog vorige week in de Commissievergadering VVL.

Als het over de voortdurend oplopende kosten van de NoordZuidlijn gaat zit de Raad met de mond vol tanden. Telkens opnieuw -ook na de Commissie Veerman, ook na de Raads-enquete, ook na de herschikking van de verantwoordelijkheden in de Projectleiding NoordZuidlijn-, worden we geconfronteerd met ongelukjes en tegenvallers.

En wordt er virtuoos gegoocheld met bedragen, potjes, begrotingen, fondsen, investeringen en reserveringen. En met rode-oortjes-begrippen als “Kleine Kansen, Grote Gevolgen.”, die eerder thuishoren op de kermis bij het ‘parade-maken’ voor het Rad van Fortuin, dan bij de miljarden-valkuil van de Noord-Zuidlijn.

Onlangs nog werd de Raadscommissie-Verkeer-en-Vervoer in het geheim ‘in de week’ gezet met de mededeling: “Ja, er moet helaas gedacht worden aan een extra investering van zo’n 30 miljoen euro om het station Vijzelgracht veilig te kunnen ontgraven”.
Maar een paar weken later mag de Raad slikken, dat het onder druk ontgraven van het station Vijzelgracht toch zo’n 68 miljoen méér kost. Kleine Kans. Groot Gevolg. Fait-accompli. Voldongen feit. “Oja, en dat de oplevering van de NZ-lijn daardoor wel een paar maanden later kan worden”, roept de Wethouder onderaan de trap.
“De Raad beslist.”
De Raad beslist niks. De grondwaterstand beslist nog eerder. Het paalwerk uit de 17e eeuw beslist. Een opengebarsten rioleringsbuis beslist. De NoordZuid-directie beslist.

Heel, heel langzaam wordt de Raad voorbereid op wat de Noord-Zuidlijn in zijn totaliteit moet gaan kosten. Uiteraard méér dan de nu al niet te bevatten som van driedúizend miljóen euro.
Zorgvuldig gefaseerd -door projectbureau, wethouder en weersomstandigheden- krijgt de stad de rekening gepresenteerd. Tegenvallers voorbehouden natuurlijk. En vertragingen.
Nog niet-begrote, niet-aanbestede en niet uitgegeven posten staan nog niet op de rekening. De kosten van de afbouw, en aankleding, en die ellendig-lange roltrappen, van de stations zijn nog niet begroot. Dus zijn nog geen kostenpost. De brandveiligheid in de stations is nog niet beoordeeld, en zou wel eens voor onaangename verrasingen en dure aanpassingen kunnen zorgen. Dus daar wachten we nog even mee, -als de Brandweer zn mond maar houdt.
En we hebben de treintjes nog niet gekocht. Want dat hangt weer af van welk signalerings- en trein-beveilingssysteem we kiezen. En hoe duur dat is.

Nemen we mens-gestuurd of computergestuurd rollend materieel ? Alsof het Fleischmann is. Als we voor de mooiste, meest-geavanceerde én duurste optie kiezen, moet de Amstelveenlijn omgebouwd worden tot metrolijn, -als aansluiting op de NoordZuidlijn- anders is die investering in het materieel te hoog. Zo rolt de trein onstuitbaar voort.
Als we die Amstelveenlijn nu vast aanbesteden, kan met de bouw ervan begonnen worden als de NoordZuidlijn af is in 2018. Fait-accompli en het kost niks, want het wordt betaald door Rijk en Regio.
‘t Is geen Rad van Fortuin, dames en heren, het is een rad voor de ogen.

Daarnaast, collega Raadsleden, wil ik u eraan herinneren dat het bedrag
‘Kosten NoordZuidlijn’ aanzienlijk geflatteerd wordt doordat de rentelasten voor de financiering van de NoordZuidlijn elders in de gemeentebegroting worden opgevoerd.
Om “begrotings-technische redenen” natuurlijk, maar het is wel echt geld. Dít jaar: 20 miljoen euro per jaar. En hoe verder de bouw vordert en de aannemersrekeningen betaald moeten worden, hoe meer geld er geleend moet worden, hoe verder de kosten van de leningen oplopen.
Tot twintig, veertig, zestig miljoen euro per jáár. Elk jaar. Echt geld. Net zo echt als de reeds betaalde bouwkosten.
(Even tussen twee haakjes: wisten jullie dat ook de Tweede Zeesluis, die ons niks zou kosten, op die manier, als rente-last, op onze begroting drukt ? )
“Lenen kost geld”, staat er dankzij Dirk Scheringa nu verplicht in elke advertentie voor een financieel product. Misschien komt de Amsterdamse gemeenteraad er nu eindelijk eens achter waarom de begrotingsruimte zo beperkt is en daarmee zn bewegingsvrijheid zo belemmerd. De Raad is zèlf het mannetje met die loodzware bal aan het been.

Begrijpt u, dames en heren, waarom wij zo tegen de Noord-Zuidlijn zijn, en pleitten voor een moratorium op de bouw, en ons verzetten tegen de ondoorzichtigheid van die NZ-lijn-begroting ? Alleen al vanwege dat laatste kunnen wij niet instemmen met de Gemeentebegroting 2011, zoals die thans voorligt.

OK. Wij kennen inmiddels de symbolische waarde van onze inbreng. Dus ook deze. Red Amsterdam zal niet in staat zijn essentiele veranderingen aan te brengen in de Gemeentebegroting.

Klein bier rest ons.
Red Amsterdam heeft het initiatief genomen. We hebben ons het vuur uit de sloffen gelopen om De Opstapper voor de stad te behouden. Wij hebben een stem gegeven aan bewoners en ondernemers langs de route. Wij hebben rondgebeld, steun gezocht, opties bekeken, alternatieven aangedragen.
Red Amsterdam heeft inmiddels drie amendementen op de Gemeentebegroting opgesteld om de Opstapper voor de stad te behouden. Wij zijn er nog steeds niet in geslaagd om daarmee Het Parool te halen, maar wij zijn buitengewoon tevreden dat wij voor ons laatste amendement steun hebben gevonden bij vijf partijen in deze Raad.

Mede namens de leden Molenaar, Alberts, Van Lammeren, Van der Velde en Schimmelpennink, dient Red Amsterdam ter vervanging van de vorige amendementen, het volgende accent-amendement in:

Amendement 706 ' begroting 2011 behoud Stop en Go_01


Amendement 706 ' begroting 2011 behoud Stop en Go_02

Amendement 706 ' begroting 2011 behoud Stop en Go_02

Amendement 706 ‘ begroting 2011 behoud Stop en Go_01
Amendement 706 ‘ begroting 2011 behoud Stop en Go_02

TIEN VRAGEN VAN FRIJDA AAN VAN ES

Uit Het Parool van gisteren, van 16 november 2010 begrepen wij dat Weth. Van Es, verantwoordelijk voor het bestuurlijk stelsel van de stad, toen zij van de plannen van minister Donner hoorde de stadsdelen op te heffen, of, zoals deze het formuleerde dat het “experiment met de deelgemeenten beter beëindigd” kan worden, vooralsnog “niet meer dan een glimlach op haar gezicht” kreeg.
Vraag 1:
Hoe moeten wij die glimlach van de Wethouder interpreteren ? Vol begrip, meewarig, laatdunkend of zelfverzekerd ?
Vraag 2:
Neemt de Wethouder het voornemen van de Minister serieus ?
Zo ja, waaruit blijkt dat ?
Vraag 3:
Neemt zij de opheffing van de Stadsdelen serieus ?
Zo ja, waaruit blijkt dat ?
Vraag 4:
Zo nee. Zoekt de Wethouder naar een manier om de Stadsdelen, of, anders geformuleerd; de functie van deze bijzondere Raadscommissies van Amsterdam, te behouden, zodat deze, als ware het Stadsdelen, kunnen blijven functioneren?
Zo ja, hoe ? En vooral: waarom ?
Vraag 5:
Is de Wethouder serieus van mening dat de Stadsdelen “kostenbesparend” zijn, zoals we in hetzelfde artikel in Het Parool van haar mogen vernemen ?
Zo ja, kan de Wethouder dat met een eenvoudig voorbeeld aantonen ?
Vraag 6:
Zo nee, kan de Wethouder dat met een ingewikkelde kosten/baten-analyse aantonen, en die de Raad doen toekomen?
Vraag 7:
Is de Wethouder het, in het licht van het voornemen van Minister Donner en diens overwegingen daarbij, met Red Amsterdam eens, dat de relatie Centrale stad vs Stadsdelen aan een grondige evaluatie toe is ?
Zo ja. Is de Wethouder bereid een debat daarover te agenderen ?
Vraag 8:
Zo nee. Is de Wethouder, meer specifiek, bereid een debat over het bestuurlijke en financiële deficit van het Stadsdeel Oost te agenderen, en daarbij het mandaat van deze bijzonder Raadscommissie ter discussie te stellen ?
Vraag 9:
Zo nee. Hoe is de Wethouder, nog meer specifiek, voornemens om te gaan met de onverantwoorde schuldenlast van het Stadsdeel Oost ?
Vraag 10:
Als de Centrale Stad uiteindelijk verantwoordelijk blijkt te zijn voor de financiële verplichtingen, die Oost is aangegaan, bestaat er dan de mogelijkheid om het Stadsdeel onder curatele te stellen ?

Red Amsterdam is benieuwd naar de antwoorden van de Wethouder,
en kondigt, wat betreft de financiële verantwoordelijkheid reeds nu een amendement op de begroting aan, bij de volgende Raadsvergadering.

OPSTAPPER aka STOP/GO tenminste voor 2011 veilig te stellen

Amendement van het raadslid mevrouw Frijda inzake de begroting voor 2011

Aan de gemeenteraad

Ondergetekende heeft de eer voor te stellen:

De raad,

Gehoord de discussie over de voordracht van het college van burgemeester en wethouders de financiering cq exploitatie van De Opstapper aka STOP/GO per 1 januari 2011 te beëindigen

Overwegende dat:
- De Opstapper een belangrijker ‘vervoerskundige betekenis’ heeft dan in het Meerjarenvoorstel van het Centraal Mobiliteitsfonds wordt gesuggereerd; namelijk dat op een groot aantal bestemmingen op de huidige route van De Opstapper geen adequaat openbaar vervoer als alternatief beschikbaar is: mn het eindpunt Openbare Bibliotheek, de Westelijke Eilanden direct Achter De Bogen, de Noordermarkt (de daarachter liggende Jordaan) , de Elandsgracht en omgeving, en zolang lijn 4 niet rijdt, het gehele gebied tussen Frederiksplein en Rembrandtplein.
- De Opstapper voorziet in een grote sociale behoefte van de bewoners, een praktische behoefte voor passanten en toeristen en zich verheugt in een groeiende populairiteit bij passagiers, die het vervoermiddel, ondanks zn ‘onzichtbaarheid’, leerden kennen.
- De Opstapper desondanks lijdt aan een imagoprobleem veroorzaakt door gebrekkige marketing. Het bestaan van de bus is weinig bekend en wordt door de huidige exploitant, het GVB, nauwelijks gepromoot of naar verwezen. Noch van markering voorzien, of zelfs in de routekaarten opgenomen.
- Er wel degelijk ongebruikte mogelijkheden zijn om meer passagiers te trekken en daarmee het exploitatietekort te verminderen.
In de eerste plaats door een krachtige op Amsterdammers en toeristen gerichte promotiecampagne in samenwerking met het VVV, ITB en touroperators. Door te adverteren in gemeentelijke bussen en trams en daarin ook de overstappunten te markeren en te annonceren. Door foldermateriaal met rittijden en route te verstrekken.
Door De Opstapper op de lijnenkaarten te vermelden. Door op en bij de langs de route gelegen attracties op De Opstapper te wijzen. Door De Opstapper op de website van IAmsterdam nadrukkelijk te vermelden
In de tweede plaats door de lijn nog aantrekkelijker te maken door deze , zo mogelijk, uit te breiden en na de Hermitage te laten rijden langs het Joods Historisch Museum, de Hortus, Artis. Door de cirkel rond te maken en door te rijden naar Nemo, het Scheepvaartmuseum en de Openbare Bibliotheek. The Full Circle.
In de derde plaats door de exploitatie te verbeteren, met een keuze uit, of een combinatie van maatregelen. Door kaartlezers voor de OV-chipkaart te plaatsen. Door het vervoer te koppelen aan de IAmsterdamcard en aan de Stadspas. Door de ritprijs te verhogen. Door de frequentie te verlagen.
- Nog lang niet alle mogelijkheden onderzocht zijn om de lijn door een andere publieke of commerciële vervoerder te laten exploiteren. Waarbij sponsoring en reclame mogelijk gemaakt dient te worden.
- dat voor een uitgebreid markt- en marketingonderzoek en een degelijke besluitvorming over dergelijke alernatieven de tijd ontbreekt, als de deadline voor de beëindiging van de exploitatie1 januari 2011 is.

Tenslotte overwegende, dat het exploitatietekort deels door bijdragen uit het Mobiliteitsfonds kan worden verminderd, deels uit het WMO-budget, omdat aan te nemen is, dat bij de opheffing van De Opstapper de aanspraken op vervoer door Stadsmobiel ed. in het door De Opstapper bediende gebied aanzienlijk zullen toenemen.

Besluit:

de exploitatie van de OPSTAPPER aka STOP/GO tenminste voor het begrotingsjaar 2011 veilig te stellen

Het lid van de gemeenteraad

Nelly Frijda namens Red Amsterdam

‘Wij willen onze tram terug’

Wij willen onze tram terug

© De Telegraaf - Metropool Amsterdam - pagina 7 - 22 oktober 2010


‘Wij willen onze tram terug’

Ondernemers in de Utrechtsestraat willen zo snel mogelijk de tram terug. Het lijkt te kunnen: vrachtwagens reden gisteren af en aan over de brug over de Herengracht die eigenlijk nog steeds afgesloten zou zijn.

Vanwege werkzaamheden aan de brug kan lijn 4 al meer dan een jaar niet meer in de straat rijden. De rails en de bovenleiding zijn weggehaald.

Maar Robert van Leeuwen, eigenaar van Café Van Leeuwen, en woordvoerder van de ondernemers, stuurt nog vandaag een brandbrief naar de gemeente om nog voor december de tram weer te laten rijden.

Want de geplaagde ondernemers kunnen het nauwelijks nog bolwerken. ,,Wij krijgen de rekening gepresenteerd van het uitstel dat steeds weer optreedt. De hele straat zou ondertussen opgeknapt zijn, maar tot nu is er alleen één brug klaar. Het zou prettig zijn om even rust te krijgen. Veel ondernemers staat het water aan de lippen. Er zijn ondernemers die hun omzet met 40 tot 50 procent hebben zien terugvallen. We willen de straat nu wel weer even terug voordat er verder gewerkt gaat worden.”

Dat er nog veel werk aan de winkel is, moge duidelijk zijn. Het wegdek is een lappendeken. En op de stoepen moet je uitkijken dat je niet uitglijdt, want alles loopt schuin af. De afgelopen veertien maanden lag het werk in de straat echter meer stil dan dat er stappen gezet werden. ,,Dat knaagt aan je”, aldus Van Leeuwen. “Als je bouwvakkers aan het werk ziet, dan gebeurt er wat. Maar als er niet wordt gewerkt, vreet dat aan iedereen. Het komt op ons over dat ze dan maling hebben aan bewoners en ondernemers.”

Twistpunt is en blijft de brug over de Herengracht. Die bleek een maand geleden opeens af te zijn. Maar toen bleek de fundering opeens zes centimeter te dun en de onderdoorgang voor het watervervoer bleek ook lager dan afgesproken. Reden voor de gemeente het contract met de bouwer op te zeggen.

Stacey van Leeuwen van het gelijknamige lunchadres op de hoek met de Herengracht is blij dat de brug nu af is en weer in bedrijf lijkt te zijn. ,,Ik werd er knettergek van. Soms kon ik mijn eigen zaak niet eens in omdat de bouwvakkers een hek voor de deur hadden gezet. Niemand kon dan langs mijn zaak. Maar ook niemand kon erin.”

Toch is niet iedereen op de Utrechtsestraat druk met alle werkzaamheden in de straat. In een café zit de 79-jarige Ilse Annemarie van Vollenhoven een tosti te eten. ,,Ik ben geboren en getogen Amsterdamse, maar woon in Canada. Ik logeer nu bij mijn broer. In de straat kom ik graag.”

In café Krom treffen we raadslid Nelly Frijda en duoraadslid Boris Klatser van de partij Red Amsterdam. In de politieke arena maken zij zich druk om alle vertragingen die in de Utrechtsestraat opspelen. ,,Het is een puinhoop hier”, zeggen ze. ,,De wethouder heeft een flinke kluif aan zijn ambtenaren van de Dienst Infrastructuur Verkeer en Vervoer. We waren laatst op een rondvaart met de directeur van die dienst. Toen we onder de Magere Brug doorvoeren stelde hij vrolijk vast dat deze brug opgeleverd was. Terwijl iedereen kon zien dat de lampjes er nog niet inzaten en het schilderwerk nog bezig was. En dat drie jaar geleden het wegdek ook al vernieuwd was door het stadsdeel, daar was-ie zich in het geheel niet van bewust.”

Cafébaas Van Leeuwen heeft vooral kritiek dat het in het begin van het traject zo belabberd geregeld was. ,,Het was nooit duidelijk wie waar verantwoordelijk voor was. Het was tijdenlang een schertsvertoning. Bureaucratie was leidend in het hele project. De projectleiding was ronduit dramatisch. Nu pas wordt duidelijk dat wethouder Eric Wiebes de verantwoordelijke is. En die pakt het gelukkig ook op. Met hem praten we. Dat wil zeggen: hij heeft beloofd dat we zijn gesprekspartner zijn.”

De Telegraaf
22 oktober 2010 vrijdag
METROPOOL; Blz. 7, 613 woorden